Deze auto is sinds 2010 niet meer in productie.
De opvolger is inmiddels getest, zie:
De opvolger is inmiddels getest, zie:
Audi TT S Roadster 2.0 TFSI quattro Pro Line |
Audi TT
3.2 S-tronic quattro Pro Line
Wilbert Huls, 2 maart 2007
Intro

Een waardige opvolger van een succesvolle coupé?
Het exterieur

Kenmerkende ronde lijnen, maar net iets scherper
De autoliefhebber kan zich ongetwijfeld het slippertje van Audi nog herinneren omtrent de achterspoiler van de vorige TT. Voor degenen die niet bekend zijn met het verhaal: De eerste TT’s werden geleverd zonder spoiler, want dat hoorde niet bij de ronde vormen. Maar toen bleek dat de auto minder goed te controleren was bij zeer hoge snelheden kon Audi niet anders dan met een spoiler (naast enkele andere aanpassingen) meer neerwaartse druk creëren. Bij het huidige model heeft men dat handiger aangepakt. Er is nu namelijk een spoiler die zich in de carrosserie kan verbergen. Zonder tussenkomst van de bestuurder komt de spoiler bij 120 km/h naar boven en zakt hij onder de 80 km/h weer terug. ‘Gelukkig’ kun je de spoiler ook met een druk op de knop te voorschijnen toveren, zodat oom agent je op ’s Heeren wegen niet kan bekeuren voor het feit dat je spoiler uit stond. Je kunt altijd nog zeggen dat je hem handmatig naar boven hebt laten komen.
Het interieur

Hoogwaardige materialen en perfecte afwerking
De klokken voor het aflezen van de snelheid en de toeren zitten recht achter het markant gevormde stuur onder een koepeltje en zijn op zich groot genoeg om goed af te kunnen lezen. Bij de toerenteller wil dat ook prima, omdat de schaalverdeling maar 8 (duizend toeren) hoeft te gaan waarbij alle stukken evenredig zijn verdeeld. De snelheidsmeter gaat echter tot 280 km/h, maar maakt daarbij ook nog eens gebruik van een variabele schaalverdeling. Op de eerste helft wordt bijvoorbeeld 0-100 km/h aangegeven en op de tweede helft 100-280 km/h. Op zich hoeft dat niet zo’n probleem te zijn, je ziet het wel veel vaker, maar door ook nog eens gebruik te maken van grote en kleine cijfers en de stappen te laten verschillen van 10 km/h naar 20 km/h wordt het met name tussen grofweg 60 en 160 km/h niet altijd makkelijk om je snelheid in één oogopslag goed af te lezen. En dat terwijl dit toch juist veelgereden snelheden zijn met een auto als deze.
Met de verlichting aan licht het dashboard rood op en doet warm aan. Ook het navigatie-/audioscherm in de middenconsole is van eenzelfde rode kleur. Daaronder bevinden zich de knoppen van de automatische airconditioning en de stoelverwarming. Vanuit de middenconsole loopt een aluminium paneel tot tussen de voorstoelen door met daarop uiteraard de pook waarmee de S-tronic versnellingsbak bediend kan worden, maar ook nog wat extra knoppen om bijvoorbeeld het ESP uit te schakelen of de spoiler omhoog te zetten. Het dashboard, maar eigenlijk het hele interieur, is van een uitstekend afwerkingsniveau. Geen kieren, geen kraakjes… top! Ook de gebruikte materialen zijn van hoge kwaliteit.
De mineraalgrijze, nappalederen stoelen zitten heerlijk. De zitting is stevig, maar desondanks nog best comfortabel. Daarbij wordt je goed omklemd door de wangen en de lendensteunen van de zetels. Het wordt hierbij ook al duidelijk dat naast het sportieve karakter toch geen hele grote concessies gedaan willen worden richting het comfort. Des te opmerkelijker is het dan ook dat de zijdelingse steun in het geheel niet te verstellen is, maar dat de stoelen zelf ook vrij ‘ouderwets’ versteld moeten worden. Dus de bekende draaiknop voor de achterleuning, de ‘pomp’ voor de hoogteverstelling en de hendel voor de verstelling naar voren of achteren. Eigenlijk had dit best elektrisch gemogen, want het leeggewicht lijkt verder ook geen groot issue te zijn bij de TT. Het laat zich haast raden dat de ruimte op de achterbank te verwaarlozen is. Zodra een merk zijn eigen auto een 2+2-zitter noemen, dan weet je dat de achterbank er eigenlijk voor de show in zit. De kofferruimte is met zijn 290 liter echt niet onaardig voor een coupé. En met het toch al niet zo zinvolle achterbankje plat, kun je er zelfs 700 liter in kwijt.
Het rijden

Veel vermogen, prima wegligging, een feest!
De acceleratie is zeker imposant te noemen. De opgegeven tijd van 0-100 km/h ligt op 5,7 seconden. We hebben het niet zelf nagemeten, maar dat zal ongetwijfeld kloppen. Het leuke is dat de automaat de optie ‘Launch Control’ biedt om de 250 paarden zo optimaal mogelijk hun werk te laten doen. Hiervoor dient het ESP uitgeschakeld te worden en de automaat in de stand S te staan. Als je dan de linkervoet op de rem houdt en met de rechter volgas geeft, wordt de motor op 3200 toeren gehouden. Zodra je nu je linkervoet van de rem haalt, gaat de TT als de brandweer (al vraag ik me af of die wel zó snel zijn) er vandoor. Je voelt dat de auto iets zoekerig wordt om zijn vermogen op de weg te kunnen leggen, maar het is werkelijk een genot om zo eenvoudig een goede 0 tot 100 neer te zetten. Je zult het uiteraard niet snel bij het stoplicht gebruiken (je buurman zal vreemd staan te kijken als je zo toeren loopt te maken), maar het voegt wel een funfactor toe aan de TT.
Natuurlijk is zoiets leuk, maar zo vaak doe je dat normaal gesproken niet. Gelukkig kan de automaat ook prima met het normale huis, tuin en keuken rijgedrag overweg. In de D-stand is de automaat zelfs best comfortabel te noemen en het eerder genoemde rijden op lage snelheid is dan zeer gemoedelijk. De DSG-bak schakelt vlot op en voor je het weet zit je in zijn hoogste versnelling. Bij zo’n 70 km/h is de zesde versnelling reeds bereikt. De overgangen zijn door de dubbele koppeling nauwelijks merkbaar. Geef je echter toch een keer flink gas, dan wordt er direct teruggeschakeld, soms zelfs twee versnellingen, en krijg je direct een duw in je rug door de krachtige acceleratie. Ook opmerkelijk vond ik de prettige werking van de flippers op het stuur. De DSG-bak zorgt ervoor dat er nauwelijks een vertraging is bij het schakelen. Iets wat ik bij andere auto’s, ook uit het premiumsegment, wel heb ervaren.
Is een beetje comfortabel rijden met de mogelijkheid tot flinke acceleraties nog niet voldoende, dan kun je er altijd nog voor kiezen om de automaat in de Sportstand te zetten. De auto maakt behoorlijk meer toeren en schakelt dus ook bij totaal andere snelheden pas op. Ter vergelijking: waar de D-stand de zesde versnelling al heeft bereikt, maakt de automaat in de S-stand net aanstalten om naar de vierde versnelling te gaan. Tevens remt de auto bij gas los meer op de motor af. Het geeft gewoon continu een wat sportiever karakter, mede natuurlijk doordat de motor bij hogere toeren een zeer aangenaam geluid produceert. Wat minder prettige geluiden zijn, zijn de geluiden van buitenaf. Ten eerste de rolgeluiden, maar dat valt nog enigszins mee, maar qua rijwind heb je toch een behoorlijke hoeveelheid geluid die de koets binnendringt. Gezien het premiumkarakter van het merk Audi is het toch echt wat ‘too much’. Van deze nare bijgeluiden is gelukkig pas sprake bij snelheden van boven de 100 km/h.
Slot

Deze nieuwe TT zal weer heel wat jaren zijn mannetje kunnen staan!
Qua techniek is het allemaal ook dik voor elkaar met een dikke motor, een geweldige automaat en de permanente vierwielaandrijving. Uiteraard is dat ook allemaal wel een tikje minder te krijgen, want voor de huidige uitvoering moet je toch dik 65.000 euro neertellen. Voor zo’n 20.000 euro minder kun je al beginnen met de handgeschakelde 2.0 TFSI met voorwielaandrijving. En aangezien je maar 50 pk minder hebt, is dat zeker niet behelpen. Het enige jammere is dat die motor niet met vierwielaandrijving te krijgen is. Maar je houdt ook heel wat geld in de zak. Welke versie je ook kiest, je hebt in ieder geval een stukje techniek van de bovenste plank met zeer begeerlijke looks.
Fotografie: Martijn Koevoets
Plus
+ Verfraaiing succesvol ontwerp
+ Comfortabele sportieveling
+ Geweldige automaat
Min
- Afleesbaarheid snelheidsmeter
- Simpele stoelverstelling
- Bijgeluiden hoge snelheid
Reactie plaatsen
Testverslag
Foto's
Wallpaper
Gegevens
Afdrukken
Doorsturen
(25%)